Ik krijg steeds vaker mailtjes, waarbij de zinnen beginnen met een kleine letter i.p.v. met een hoofdletter. Die mailtjes zijn wel goed te begrijpen, maar ik word er niet blij van.
Ook krijg ik mailtjes waarin niet alleen de hoofdletters ontbreken, maar ook de punten aan het einde van de zin. Dan heb ik de neiging om dat mailtje weg te gooien, want ik heb wel wat anders te doen dan een puzzel op te lossen.
Hieronder vind je tips voor het juiste gebruik van hoofdletters. Doe er je voordeel mee!
Tips:
- Het eerste woord van een zin schrijf je altijd met een hoofdletter.
- Aan het begin van de zin worden ‘s, ‘t, ’n met een kleine letter geschreven. Het woord dat daarop volgt moet wel met een grote letter geschreven worden.
Bijvoorbeeld:
’s Morgens vroeg
’t Sneeuwt buiten
’n Kleine stapel
- Het eerste woord van een aanhaling krijgt altijd een hoofdletter.
Bijvoorbeeld: Hij zei: ‘Ik vertrek nu’.
- Namen en voorletters krijgen een hoofdletter.
Bijvoorbeeld:
Hetty Dalsheim
Piet de Jong
Maar woorden als: van, van de, van het, de, ter, ten in namen krijgen meestal een kleine letter.
Bijvoorbeeld:
J.N. de Vries
Jan van Leeuwen
Als de voornaam of de voorletter ontbreekt, dan schrijven we Van, Van het, Van de, Ter, De, Ten wel met een hoofdletter.
Bijvoorbeeld:
Van Tien
De heer Ten Haven
Mevrouw De Vries
- Namen van straten, plaatsen in provincies en landen schrijf je altijd met een hoofdletter.
Bijvoorbeeld: Andringastate 10, Leeuwarden, Friesland.
-Namen van dagen, maanden en jaargetijden schrijf je altijd met een kleine letter.
Bijvoorbeeld: dinsdag, januari, winter.
© Hetty Dalsheim, www.primago-advies.nl